[Pater noster]
v. Onze Vader, die in de hemel zijt, uw Naam worde geheiligd, uw rijk kome, uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel. Geef ons heden ons dagelijks brood en vergeef ons onze schuld, zoals ook wij aan anderen hun schuld vergeven, en leid ons niet in bekoring. Maar verlos ons van het kwade. Amen.

[Ave Maria]
v. Wees gegroet, Maria, vol van genade, de Heer is met U. Gezegend zijt Gij boven alle vrouwen, en gezegend is de Vrucht van uw lichaam, Jezus. Heilige Maria, Moeder Gods, bid voor ons, arme zondaars, nu en in het uur van onze dood. Amen.

[Credo]
v. Ik geloof in God, de almachtige Vader, Schepper van hemel en aarde. En in Jezus Christus, zijn enige Zoon, onze Heer, die ontvangen is van de Heilige Geest, geboren uit de Maagd Maria; die geleden heeft onder Pontius Pilatus, is gekruisigd, gestorven en begraven; die nedergedaald is ter helle, de derde dag verrezen uit de doden; die opgestegen is ten hemel, zit aan de rechterhand van God, de almachtige Vader; vandaar zal Hij komen oordelen de levenden en de doden. Ik geloof in de Heilige Geest; de heilige katholieke kerk, de gemeenschap van de Heiligen; de vergeving van de zonden; de verrijzenis van het lichaam; en het eeuwig leven. Amen.

[Gloria]
V. Eer aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.
R. Zoals het was in het begin en nu en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

[Gloria1]
V. Eer aan de Vader en de Zoon * en de Heilige Geest.

[Requiem]
V. Heer, geef hun de eeuwige rust.
R. En het eeuwige licht verlichte hen.

[Alleluia]
v. Allelúja.
v. Laus tibi, Dómine, Rex ætérnæ glóriæ.

[Dominus]
V. De Heer zij met u.
R. En met uw geest.
V. Heer, verhoor mijn gebed.
R. En mijn geroep kome tot U.

!omittitur secunda Domine, exaudi

[Flectamus]
V. Maken wij een kniebuiging.
R. Staat op.

[Dominus vobiscum]
V. De Heer zij met u.
R. En met uw geest.

[IteMissa]
V. Gaat, dit is het einde.
R. God zij dank.
V. Gaat, dit is het einde, alleluia, alleluia.
R. God zij dank, alleluia, alleluia.
V. Laat ons de Heer loven.
R. God zij dank.
V. Dat zij rusten in vrede.
R. Amen.

[Confiteor]
v. Ik belijd voor de almachtige God, voor de heilige Maria, altijd Maagd, voor de heilige aartsengel Michaël, de heilige Johannes de Doper, de heilige apostelen Petrus en Paulus, en voor alle heiligen, dat ik zwaar gezondigd heb in gedachten, woorden en werken door mijn schuld, door mijn schuld, door mijn allergrootste schuld. Daarom smeek ik de heilige Maria, altijd Maagd, de heilige aartsengel Michaël, de heilige Johannes de Doper, de heilige apostelen Petrus en Paulus, en alle heiligen, voor mij te willen bidden tot de Heer, onze God.

[Misereatur]
v. Moge de almachtige God zich over ons ontfermen, onze zonden vergeven en ons zo het eeuwig leven binnenleiden. Amen.

[Indulgentiam]
v. Moge + de almachtige en barmhartige God ons genade, vrijspraak en vergiffenis schenken van al onze zonden. Amen.

[Domine labia]
V. Dómine, lábia ++ mea apéries.
R. Et os meum annuntiábit laudem tuam.

[Deus in adjutorium]
V. Deus + in adjutórium meum inténde.
R. Dómine, ad adjuvándum me festína.

[Tu autem]
V. Tu autem, Dómine, miserére nobis.
R. Deo grátias.

[Benedicamus Domino]
V. Laat ons de Heer loven.
R. God zij dank.

[Benedicamus Domino1]
V. Laat ons de Heer loven, alleluia, alleluia.
R. God zij dank, alleluia, alleluia.

[Deo gratias]
R. God zij dank.

[Gloria tibi]
R. Eer zij U, o Heer.

[Laus tibi]
R. Lof zij U, o Christus.
S. Moge door de woorden van het Evangelie onze zonden gedelgd worden.

[Fidelium animae]
V. Fidélium ánimæ per misericórdiam Dei requiéscant in pace.
R. Amen.

[Per Dominum]
r. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon: die met U leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest, God: door alle eeuwen der eeuwen.
R. Amen.

[Per Dominum eiusdem]
r. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon: die met U leeft en heerst in de eenheid van dezelfde Heilige Geest, God: door alle eeuwen der eeuwen.
R. Amen.

[Qui cum Patre]
r. Die met de Vader en de Heilige Geest leeft en heerst, God: door alle eeuwen der eeuwen.
R. Amen.

[Per eumdem]
r. Door dezelfde Jezus Christus, onze Heer, uw Zoon: die met U leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest, God: door alle eeuwen der eeuwen.
R. Amen.

[Per eundem]
r. Door dezelfde Jezus Christus, onze Heer, uw Zoon: die met U leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest, God: door alle eeuwen der eeuwen.
R. Amen.

[Qui vivis]
r. Die leeft en heerst met God de Vader in de eenheid van de Heilige Geest, God: door alle eeuwen der eeuwen.
R. Amen.

[Qui tecum]
r. Die met U leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest, God: door alle eeuwen der eeuwen.
R. Amen.

[Qui tecum eiusdem]
r. Die met U leeft en heerst in de eenheid van dezelfde Heilige Geest, God: door alle eeuwen der eeuwen.
R. Amen.

[Te Deum]
v. Te Deum laudámus: * te Dóminum confitémur.
Te ætérnum Patrem * omnis terra venerátur.
Tibi omnes Ángeli, * tibi Cæli, et univérsæ Potestátes:
Tibi Chérubim et Séraphim * incessábili voce proclámant:
_
/:(Fit reverentia):/ Sanctus, Sanctus, Sanctus * Dóminus Deus Sábaoth.
_
Pleni sunt cæli et terra * majestátis glóriæ tuæ.
Te gloriósus * Apostolórum chorus,
Te Prophetárum * laudábilis númerus,
Te Mártyrum candidátus * laudat exércitus.
Te per orbem terrárum * sancta confitétur Ecclésia,
Patrem * imménsæ majestátis;
Venerándum tuum verum * et únicum Fílium;
Sanctum quoque * Paráclitum Spíritum.
Tu Rex glóriæ, * Christe.
Tu Patris * sempitérnus es Fílius.
_
!Fit reverentia
Tu, ad liberándum susceptúrus hóminem: * non horruísti Vírginis uterum.
_
Tu, devícto mortis acúleo, * aperuísti credéntibus regna cælórum.
Tu ad déxteram Dei sedes, * in glória Patris.
Judex créderis * esse ventúrus.
_
!Sequens versus dicitur flexis genibus
Te ergo quǽsumus, tuis fámulis súbveni, * quos pretióso sánguine redemísti.
_
Ætérna fac cum Sanctis tuis * in glória numerári.
Salvum fac pópulum tuum, Dómine, * et bénedic hereditáti tuæ.
Et rege eos, * et extólle illos usque in ætérnum.
Per síngulos dies * benedícimus te.
_
!Fit reverentia, secundum consuetudinem
Et laudámus nomen tuum in sǽculum, * et in sǽculum sǽculi.
_
Dignáre, Dómine, die isto * sine peccáto nos custodíre.
Miserére nostri, Dómine, * miserére nostri.
Fiat misericórdia tua, Dómine, super nos, * quemádmodum sperávimus in te.
In te, Dómine, sperávi: * non confúndar in ætérnum.

[Ante]
/:flexis genibus:/
v. Aperi Dómine, os meum ad benedicéndum nomen sanctum tuum: munda quoque cor meum ab ómnibus vanis, pervérsis et aliénis cogitatiónibus; intelléctum illúmina, afféctum inflámma, ut digne, atténte ac devóte hoc Offícium recitáre váleam, et exaudíri mérear ante conspéctum divínæ Majestátis túæ. Per Christum Dóminum nostrum.
R. Amen.
v. Dómine, in unióne illíus divínæ intentiónis, qua ipse in terris laudes Deo persolvísti, has tibi Horas (vel hanc tibi Horam) persólvo.

[Post]
v. Sacrosánctæ et indivíduæ Trinitáti, crucifíxi Dómini nostri Jesu Christi humanitáti, beatíssimæ et gloriosíssimæ sempérque Vírginis Maríæ fœcúndæ integritáti, et ómnium Sanctórum universitáti sit sempitérna laus, honor, virtus et glória ab omni creatúra, nobísque remíssio ómnium peccatórum, per infiníta sǽcula sæculórum.
R. Amen.
_
V. Beáta víscera Maríæ Vírginis, quæ portavérunt ætérni Pátris Fílium.
R. Et beáta úbera, quæ lactavérunt Christum Dóminum.
_
r. Pater noster.
r. Ave Maria.

[Conclmart]
V. Et álibi aliórum plurimórum sanctórum Mártyrum et Confessórum, atque sanctárum Vírginum.
$Deo gratias

[DefunctV]
&Dominus_vobiscum
&Benedicamus_Domino
! %Vespera defunctorum% recitata est, omittuntur Pater, Ave
$Fidelium animae
$Pater noster

[DefunctM]
! %Officium defunctorum% recitatum est

[Oremus]
v. Laat ons bidden.

[Papa]
!Pro Papa

[Te decet]
v. Te decet laus, + te decet hymnus: tibi glória Deo Patri, et Fílio, cum Spíritu Sancto in sǽcula sæculórum. Amen.

[MLitany]
v. Kyrie eléison. Christe, eléison. Kyrie, eléison.
&pater_noster

[Vidi aquam]
#Vidi aquam
Ant. Ik zag water vloeien uit de tempel, aan de rechterzijde, alleluia; en allen, tot wie dit water kwam, zijn behouden en zullen zeggen: Alleluia, alleluia.
Ps. Looft de Heer, want Hij is goed, * want eeuwig duurt zijn barmhartigheid. 		
&Gloria
Ant. Ik zag water vloeien uit de tempel, aan de rechterzijde, alleluia; en allen, tot wie dit water kwam, zijn behouden en zullen zeggen: Alleluia, alleluia.	
_
V. Toon ons, Heer, uw barmhartigheid, alleluia.
R. En schenk ons uw heil, alleluia.
V. Heer, verhoor mijn gebed.
R. En mijn geroep kome tot U.
V. De Heer zij met u.
R. En met uw geest.
_
v. Laat ons bidden.
Verhoor ons, heilige Heer, almachtige Vader, eeuwige God, en wil uw heilige engel van de hemel zenden om allen, die in dit huis wonen, te bewaken, te verkwikken, te beschermen, te bezoeken en te verdedigen. Door Christus onze Heer. Amen.		  

[Asperges me]
# Asperges me
Ant. Besprenkel mij, Heer, met hysop, en ik zal gereinigd worden; was mij, en ik zal blanker zijn dan sneeuw.  	 	   
Ps. Ontferm U over mij, o God, * naar uw grote barmhartigheid. 		
&Gloria
Ant. Besprenkel mij, Heer, met hysop, en ik zal gereinigd worden; was mij, en ik zal blanker zijn dan sneeuw.  
_
V. Toon ons, Heer, uw barmhartigheid.
R. En schenk ons uw heil.
V. Heer, verhoor mijn gebed.
R. En mijn geroep kome tot U.
V. De Heer zij met u.
R. En met uw geest.
_
v. Laat ons bidden.
Verhoor ons, heilige Heer, almachtige Vader, eeuwige God, en wil uw heilige engel van de hemel zenden om allen, die in dit huis wonen, te bewaken, te verkwikken, te beschermen, te bezoeken en te verdedigen. Door Christus onze Heer. Amen.

[Ultima Evangelium]
v. Begin ++ van het heilig Evangelie volgens de heilige Johannes
!Joann 1:1-14
!Met samengevoegde handen vervolgt hij:
v. In het begin was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God. Dit was in het begin bij God. Alles is door Hem geworden en zonder Hem is er niets geworden van hetgeen er geworden is. In Hem was leven en dit Leven was het licht der mensen; en dat Licht schijnt in de duisternis, maar de duisternis heeft het niet begrepen.
Er kwam een mens, door God gezonden; Johannes was zijn naam. Deze kwam om te getuigen, om getuigenis te geven van het Licht, opdat allen zouden geloven door hem. Hij zelf was niet het Licht, maar hij moest getuigen van het Licht.
Dit was het ware Licht, dat ieder mens verlicht, die komt in deze wereld. Het was in de wereld en de wereld is door Hem gemaakt, maar de wereld erkende Hem niet. Tot de zijnen kwam Hij, maar de zijnen ontvingen Hem niet. Allen echter, die Hem ontvingen, hen stelde Hij in staat om kinderen te worden van God, hen, die geloven in zijn Naam; en zij werden niet uit bloed of uit de lust van het vlees, of uit de wil van een man, maar uit God geboren. (Hier knielt men.) En het Woord is vlees geworden (Hier staat men weer op.) en Het heeft onder ons gewoond. En wij hebben zijn heerlijkheid aanschouwd, een heerlijkheid als van de Eniggeborene des Vaders, vol van genade en waarheid.

[Incipit]
Voetgebeden

[Introitus]
Introitus

[Oratio]
Oratio

[Lectio]
Lectio

[Evangelium]
Evangelium

[Secreta]
Secreta

[Præfatio]
Prefatio

[Communio]
Communio

[Postcommunio]
Postcommunio

[Conclusio]
Conclusio

[Credo]
Credo

[Graduale]
Graduale

[Commemoratio]
Commemoratio
